Slingerende vuile onderbroeken, met modderschoenen de hal binnen komen lopen, wellicht harde winden onder het eten, het zijn de standaard vrouwenergernissen, zeg maar, die volgens het boekje. Het boekje, dat overigens niet bestaat, want mijns inziens zijn ergernissen buitengewoon persoonlijk.
Mannelijk
Volgens hetzelfde niet bestaande boekje zijn ‘Schat, houd je nog een beetje van me?', lastige gesprekken tijdens (voetbal)wedstrijden op tv en getreuzel in de supermarkt, dan weer typisch mannelijk. Kleding kopen wellicht ook, al behoort een aantal mannelijke kleding fetisjisten, (nee, geen homo's! Ik hoor u denken, dat zijn slechte vooroordelen mevrouw / meneer!) dan weer tot mijn beste vrienden.
Breder trekken
‘Breder trekken' is op zich een term die mij ergert. Deze term zou zo in het boekje van Paulien Cornelisse - ‘Taal is zeg maar mijn ding' - hebben kunnen staan. Toch wil ik de zojuist door mij opgestarte discussie rond typische mannen en vrouwen ergernissen breder trekken. Immers, ik ben man, erger me aan ‘breder trekken', maar dat zullen vrouwen die zich - net als ik - óók aan modetermen ergeren, net zo goed doen. Of is ‘breder trekken' daarmee een sexe-universele ergernis?
Mooie woorden
Niet bestaande bijvoeglijke naamwoorden ergeren mij overigens ook vaak. Zoals ‘sexe-universele'. Bestaat helemaal niet en wordt door mijn spellingcontrole dan ook volkomen terecht rood ondergolfd. U denkt nu - hoop ik - dat ‘ondergolfd' óók foutieve spelling is die mij ergert, maar dat is niet zo. Tot mijn eigen verrassing is ‘ondergolfd' volkomen correct Nederlands. Gewoon voltooid deelwoord van het werkwoord ‘ondergolven'. Eigenlijk wel een mooi woord, dat ondergolven. Zo'n woord dat je van de straat houdt.
Ernstige ergernis
De grootste ergernis van mij de laatste tijd, is een persoon. ‘Nu', zult u zeggen, ‘daar heb ik wat aan, waarschijnlijk ken ik die persoon helemaal niet.' Het gekke is, u kent hem wel, maar ook niet. Het is namelijk een persoon die misschien wel helemaal niet bestaat. Zelfs dat ergert me! Stiekem hoop ik dat hij bestaat (echt) zodat ik hem mijn ergernis eens kan laten weten. Dat hij mij -vooral 's ochtends- waanzinnig irriteert, zeker als ik in de file sta. ‘Wie? Toe! Zeg het!' hoor ik u nu bijna schreeuwen. Vooruit, in de volgende alinea.
Tom
Het is Tom van MKB-brandstof. Onvoorstelbaar wat is die man irritant! Elk uur weer, voor en na het nieuws! ‘Hallo, ik ben Tom de Ridder, u weet wel, van MKB-brandstof!' ‘Nee,' denk ik dan ‘dat weet ik helemaal niet.' Hij vertelt dat je met een normale pas, bij 85% van de tankstations niet kunt tanken en dat dit een heel hoog percentage is. Het meest gekke is, dat ik me afvraag of hij echt bestaat, die Tom de Ridder. Ik hoop het. Ik hoop ook dat ik hem dan tegenkom. Dan kan ik hem zeggen, dat hij mijn grootste irritatie van het moment is, en wellicht ook de grootste mannelijke irritatie. Stiekem hoop ik dat hij óók de grootste vrouwelijke irritatie is. In dat geval hoop ik dan weer voor onze Tom, dat hij niet echt bestaat. Want stel je voor dat je als man de grootste vrouwelijke irritatie bent. Dan heb je geen leven.
Meer over Feite Hofman
Feite Hofman is een 39-jarige Arnhemmer, heeft een gezin met vrouw en twee kinderen. In juni kwam ‘Feitmans!' uit, een verzameling geestige en ontroerende columns en verhalen. Raoul Heertje schreef er het voorwoord voor. Wekelijks blogt Feite voor manOman over zijn visie op de man-vrouwrelatie. Lees meer op www.feitmans.nl.















